1.3.2.2 Risicobeheersing en weerstandsvermogen
We hanteren een organisatiebreed risicobeleid waarmee we onze risicopositie en het benodigde weerstandsvermogen op een consistente manier in beeld brengen. Hiermee voldoen we aan de wettelijke verplichting voor waterschappen om risico’s in kaart te brengen en beleid te ontwikkelen om deze risico’s af te dekken. Halfjaarlijks actualiseren we de top-risico’s (risiconiveaus hoog en zeer hoog, of anderszins strategisch relevant) en de beheersmaatregelen die we daarvoor getroffen hebben.
Sinds de laatste actualisatie (per juli 2025; opgenomen in de Begroting 2026) is het risicobeeld licht verbeterd. We identificeerden de afgelopen periode geen nieuwe top-risico’s. Wel voerden we één risico af:
- ‘Verleggen persleiding op aangeven derden’: de kans van optreden is verlaagd naar eens per tien jaar, mede dankzij het uitblijven van negatieve ontwikkelingen en de start van een uniforme werkwijze door STOWA en Rioned rondom werken nabij transportleidingen. Deze ontwikkeling heeft geleid tot een verlaging van het risiconiveau van hoog naar medium in oktober 2025.
De lichte verbetering van het risicoprofiel is een weerspiegeling van enerzijds geïmplementeerde beheersmaatregelen die effect hebben gehad bij het verlagen van de risico’s, terwijl op andere terreinen de complexiteit en volatiliteit – ook in de externe context – blijven bestaan. Enkele belangrijke punten:
- Veiligheidscultuurladder: De veiligheidscultuur laat een positieve ontwikkeling zien, met een stevige positie op trede 3 en groei richting trede 4.
- Digitale kwetsbaarheid: Hoewel het risiconiveau voor vertrouwelijkheid en integriteit van informatievoorziening ongewijzigd is, ontstaan nieuwe aandachtspunten zoals AI-toepassingen, verdere integratie van procesautomatisering/kantoorautomatisering en derde partij risico’s.
- Klimaat en waterbeheer: Klimaatverandering en verstedelijking vergroten de kans op wateroverlast en droogte, wat leidt tot een hogere druk op zoetwaterbeschikbaarheid. Om onze weerbaarheid te vergroten, maken we een verschuiving van correctief naar preventief onderhoud van onze assets.
- Milieu en regelgeving: De aanpak van microverontreinigingen en niet-genormeerde stoffen krijgt meer aandacht, met landelijke monitoring en pilots voor bronaanpak.
- Wateroverlast: Het afronden van onderhoudswerkzaamheden bij Parksluizen en Schiegemaal heeft geleid tot een verlaging van het risiconiveau van zeer hoog naar hoog.
Een actueel overzicht van de top-risico’s per eind 2025 is te vinden in onderstaande tabel. Het weergegeven risiconiveau betreft het restrisico. Dat wil zeggen het huidige risiconiveau, gegeven de al geïmplementeerde beheersmaatregelen.
Opmerking bij de tabel: in de tabel staan een drietal risico’s weergegeven met risiconiveau ‘medium’. Conform het risicobeleid van Delfland kunnen medium risico’s ook als top-risico worden aangemerkt indien deze strategisch relevant zijn (in de praktijk vaak doordat het inherente risico – dus zonder beheersmaatregelen – hoog is). Om die reden blijven de risico’s ‘Pandemie’ en ‘Waterzuivering Vergulde Hand is in 2030 niet operationeel’ in dit overzicht staan, waar ‘Verleggen persleidingen op aangeven derden’ van de lijst zal worden afgevoerd.
1.3.2.2.1 Tabel: Overzicht van top-risico's

Het totaal aan risico dat we lopen – onze risicopositie – geeft de mate aan waarin we voorbereid moeten zijn op ongewenste gebeurtenissen. Hiervoor treffen we preventieve maatregelen (zoals controles) en reactieve maatregelen (zoals de voorbereiding van de crisisorganisatie op scenario’s van rampenbestrijding). Het weerstandsvermogen zorgt voor voldoende financiële ruimte om de schade op te vangen die ondanks alle maatregelen optreedt. Hierbij hanteren we een mate van zekerheid van minstens 95%.
In bijlage III zijn de belangrijkste incidenten en opschalingen uit 2025 opgenomen, alsmede de manier waarop Delfland hierop heeft gereageerd. Daarbij leggen we steeds een link met het risico waar de gebeurtenis betrekking op heeft.
Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen blijft in lijn met het risicoprofiel en is niet aangesproken door de risico’s die zich in 2025 voordeden. De kosten zijn opgevangen binnen de begrotingen van de verschillende programma’s.
Conform de nota Reserves en voorzieningen en de beleidsnotitie Risicomanagement Delfland worden de bestemmingsreserves niet meegerekend als we het weerstandsvermogen bepalen. De structurele weerstandscapaciteit omvat de middelen die permanent kunnen worden ingezet om tegenvallers op te vangen zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van onze taken. De tabel toont onze weerstandscapaciteit (eind 2025).
1.3.2.2.2 Tabel: Overzicht weerstandsvermogen
Onderdeel weerstandsvermogen | 31-12-2025 | 31-12-2024 |
|---|---|---|
(bedragen * € 1 miljoen) | ||
Algemene reserve weerstandsvermogen watersysteem | 27,6 | 27,6 |
Algemene reserve weerstandsvermogen zuiveringsbeheer | 7,4 | 7,4 |
Algemene reserve vrij besteedbaar | 10,9 | 4,7 |
Nog te bestemmen resultaat 2025 en 2024 | 14,9 | 10,4 |
Totaal beschikbare weerstandscapaciteit | 60,8 | 50,1 |
Benodigd weerstandsvermogen
Het minimaal benodigd weerstandsvermogen is vastgesteld op € 25 miljoen. Elk jaar berekenen we of dit bedrag met ten minste 95% zekerheid voldoende is om de financiële schade door risico’s op te kunnen vangen. Daarbij wegen we enkel risico’s mee met een potentiële financiële impact tussen de € 1 miljoen en € 100 miljoen per incident. Incidenten met een lagere impact kunnen we veelal binnen de begroting opvangen. Incidenten met een impact hoger dan € 100 miljoen overstijgen de draagkracht. Daarvoor moeten we een beroep doen op landelijke regelingen.
Beoordeling weerstandsvermogen
Blijkt € 25 miljoen inderdaad voldoende te zijn, dan beoordelen we vervolgens nog de verhouding tussen het benodigd weerstandsvermogen en de beschikbare weerstandscapaciteit.
Onze weerstandsratio per eind 2025 is:
Bedragen * € 1 miljoen | |||||
|---|---|---|---|---|---|
Ratio weerstandsvermogen = | Beschikbare weerstandscapaciteit | = | 60,8 | = | 2,4 |
Benodigde weerstandscapaciteit | 25,0 |
Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen, bekijken we de gewenste ratio, waarbij we onderstaande waarderingstabel gebruiken.
1.3.2.2.3 Tabel: Waardering weerstandsvermogen
Waarderingscijfer | Ratio weerstandsvermogen | Betekenis |
|---|---|---|
A | 2,0 < x | Uitstekend |
B | 1,4 < x < 2,0 | Ruim voldoende |
C | 1,0 < x < 1,4 | Voldoende |
D | 0,8 < x < 1,0 | Matig |
E | 0,6 < x < 0,8 | Onvoldoende |
F | x < 0,6 | Ruim onvoldoende |
Delfland streeft naar een ratio die minimaal tussen de 1,0 en 1,4 ligt. De berekende ratio van 2,5 ligt hierboven en is daarmee uitstekend.
