1.3.5.3 Informatie over de financiële rechtmatigheid
Rechtmatigheidsverantwoording
Toetsing van de financiële rechtmatigheid is sinds het verslagjaar 2025 de verantwoordelijkheid van het college van dijkgraaf en hoogheemraden (hierna: het college). De eigen interne controlewerkzaamheden vormt de basis voor de opgestelde rechtmatigheidsverantwoording. De accountant controleert of de informatie van het college in de rechtmatigheidsverantwoording juist, toereikend en volledig (getrouw) is. Getrouwheidsfouten tellen mee in het oordeel van de accountant maar worden niet in de rechtmatigheidsverantwoording gerapporteerd.
De rechtmatigheidsverantwoording is opgenomen in hoofdstuk 2.4. De verantwoordingsgrens voor de rechtmatigheidsverantwoording bedraagt 1% van de totale lasten exclusief reserves. Voor het verslagjaar 2025 bedraagt de verantwoordingsgrens € 3.187.000.
In de paragraaf Bedrijfsvoering licht het college deze verantwoording verder toe. Conform de Verordening beleids- en verantwoordingsfunctie worden alle belangrijke bevindingen — fouten en onduidelijkheden groter dan € 637.000 uit de interne rechtmatigheidscontroles — opgenomen in deze paragraaf. Wanneer er sprake is van niet acceptabele onrechtmatigheden, worden de constateringen aangevuld met maatregelen om herhaling in de toekomst te voorkomen.
Financiële rechtmatigheid
Financiële rechtmatigheid bestaat uit negen criteria. Zes criteria worden afgedekt door het getrouwheidsaspect (oordeel accountant). De overige drie criteria komen terug in de rechtmatigheidsverantwoording van het college. Dit betreffen het (1) begrotings-, (2) voorwaarden-, en (3) misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium.
Begrotingscriterium
Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten, lasten en balansmutaties, moeten tot stand zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s. Een overschrijding van lasten ten opzichte van de begroting is altijd onrechtmatig. In artikel 14 lid 4 van de verordening beleids- en verantwoordingsfunctie van Delfland 2025 zijn wel een aantal situaties opgenomen wanneer onrechtmatige overschrijdingen van lasten ten opzichte van de begroting als acceptabel worden aangemerkt.
Bij programma 6 Organisatie en bedrijfsvoering is een onrechtmatige overschrijding van lasten van € 1.033.000 ten opzichte van de bijgestelde begroting 2025. Deze overschrijding betreft hoofdzakelijk de extra dotatie aan de voorziening pensioenen (oud) bestuurders van € 998.000. Het overige verschil betreft een hogere doorbelasting van personeelslasten. Deze overschrijdingen van lasten passen binnen het bestaande beleid, maar konden niet eerder gemeld worden aan de VV en zijn daardoor conform artikel 14 lid 4 acceptabel.
Er zijn afwijkingen van investeringskredieten van € 156.000, maar deze omvang is kleiner dan de rapporteringstolerantie van € 637.000 en hoeft daarom verder niet toegelicht te worden in de paragraaf bedrijfsvoering.
De totale omvang van de onrechtmatigheid ten aanzien van het begrotingscriterium is € 1.189.000.
Voorwaardencriterium
Bij het voorwaardencriterium wordt vooral gekeken of de financiële beheers handelingen binnen Delfland voldoen aan de voorwaarden zoals die gesteld zijn in de externe en interne wet- en regelgeving, VV-besluiten en verordeningen.
Er zijn in 2025 geen rechtmatigheidsafwijkingen boven de rapportagegrens geconstateerd. De totale omvang van de onrechtmatigheid ten aanzien van het voorwaardencriterium is
€ 405.000 en betreft aanbestedingen.
Misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium
Onder misbruik wordt verstaan: het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel om bijvoorbeeld ten onrechte subsidies te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan belastingen te betalen.
Onder oneigenlijk gebruik wordt verstaan: het door het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van subsidies en bijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van belastingen, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan.
In de organisatie zijn maatregelen getroffen om misbruik en oneigenlijk gebruik te voorkomen en op te sporen. Er zijn in 2025 geen rechtmatigheidsafwijkingen boven de rapportagegrens geconstateerd. De totale omvang van de onrechtmatigheid ten aanzien van het misbruik en oneigenlijk gebruik is € 0.
Conclusie
Het totaal aan geconstateerde fouten en onduidelijkheden bedraagt € 1.594.000 en blijft daarmee onder de door de verenigde vergadering gestelde verantwoordingsgrens van 1% van de totale lasten ad € 3.187.000. In de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening zijn daarom geen onrechtmatigheden opgenomen.
