Jaarrekening

Balans en toelichting

2.2.2 Waarderingsgrondslagen

Algemeen
De jaarrekening 2025 is opgesteld in euro’s en is in overeenstemming met het Waterschapsbesluit en de Waterschapswet. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. De activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarden, tenzij anders vermeld.

De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden alléén opgenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die vóór het einde van het begrotingsjaar vallen, worden meegenomen als zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. De dividendopbrengsten van deelnemingen verantwoorden we als opbrengst op het moment waarop dit dividend uitbetaald wordt. De personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben.

Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa worden niet geactiveerd, maar direct ten laste van de exploitatierekening gebracht.

Materiële vaste activa
De materiële vaste activa zijn opgenomen tegen de vervaardigings- of de verkrijgingsprijs, verminderd met de eventuele bijdragen van derden. De vervaardigingsprijs omvat de aanschafkosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten.
Rentekosten en personeelskosten worden niet toegerekend aan de onderhanden investeringsprojecten. Voor de bouw van de nieuwe Waterzuivering Vergulde Hand in Vlaardingen heeft de VV een uitzondering gemaakt met betrekking tot het activeren van personeelskosten. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt dit op het saldo afgeschreven.

De netto investering wordt door jaarlijkse afschrijvingen ten laste van de exploitatie gebracht. De afschrijvingen vinden over het algemeen lineair plaats en worden bepaald door de verwachte levensduur. De afschrijving vindt plaats met ingang van het eerste jaar na de ingebruikname. De afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de nota Activabeleid. De investeringen met een totale vervaardigingsprijs van minder dan € 100.000 worden in het jaar van aanschaf direct ten laste van de exploitatie gebracht.

Waar nodig houden we rekening met duurzame waardeverminderingen en afwaardering van activa bij buitengebruikstellingen.

Afschrijvingstermijnen
Van de belangrijkste activa hebben we in onderstaande tabel de afschrijvingstermijn opgenomen.

Investering in

Termijn

Gronden

0

Grondwerken (BGO)

15

Waterberging

40

Machines

10

Vervoermiddelen

5

Gebouwen/woningen bouwkundig

40

Gebouwen/woningen elektro/mechanisch

15

Waterkering

35

Boezemkades reconstructie

25

Persleidingen (PPS)

50


Financiële vaste activa
Participaties in het aandelenkapitaal van nv’s en bv’s (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen volgens het Waterschapsbesluit) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Mocht de intrinsieke waarde van de aandelen onverhoopt structureel dalen tot onder de verkrijgingsprijs, dan vindt een afwaardering plaats.

Uitzettingen met een looptijd korter dan één jaar
De uitzettingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor de verwachte oninbaarheid van debiteuren wordt op het debiteurensaldo een voorziening dubieuze debiteuren in mindering gebracht.

Liquide middelen
Deze activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Reserves en voorzieningen
De reserves vormen gezamenlijk ons eigen vermogen, dat uit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden is. Bij de reserves maken we onderscheid tussen de algemene reserves en de bestemmingsreserves. De VV heeft aan verschillende reserves een specifieke bestemming gegeven. De reserves zijn nominaal gewaardeerd.

De voorzieningen zijn bedoeld om grotere fluctuaties in de exploitatielasten op te vangen. De omvang van de voorzieningen wordt bepaald door toekomstige financiële verplichtingen en risico’s. De voorzieningen zijn tegen contante waarde gewaardeerd.

Vaste schulden met een looptijd die één jaar of langer is
Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met aflossingen en hebben een looptijd van één jaar of langer.

Overige balansposten
De waardering van alle overige balansposten vindt plaats tegen de historische verkrijgingsprijs. Als we hiervan afwijken, lichten we dit toe bij de betreffende balanspost.

Borg- en garantstellingen
Voor zover we borg staan, hebben we buiten de balansstelling het totaalbedrag opgenomen van de geborgde schuldrestanten per einde van het boekjaar. Hierin is naast de borg- en garantstellingen ook de inkoop van contractverplichtingen opgenomen. U leest hier meer over in de toelichting op de balans.

Rekening van baten en lasten
Voor de rekening van baten en lasten is het jaar waarin de prestaties (goederen en diensten) zijn verricht bepalend voor de toerekening aan het betreffende jaar, ook als zij niet tot een ontvangst of uitgave hebben geleid in het verslagjaar. De belastingopbrengsten zijn gebaseerd op de laatst bekende (aanvullings)kohieren. Winsten worden alléén meegenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die vóór het einde van het begrotingsjaar vallen, worden alléén meegenomen als zij voor het opmaken van de rekening bekend zijn.

Deze pagina is gebouwd op 06/04/2026 11:34:22 met de export van 06/04/2026 08:44:06